CEO Randstad Nederland aan Kabinet: “Schaarse arbeid bewuster over sectoren gaan verdelen”
Op het eerste gezicht oogt de arbeidsmarkt iets minder gespannen dan een jaar geleden. De werkloosheid ligt rond de 4 procent, de spanning is licht afgenomen en in sectoren als administratie, creatieve industrie en onderzoek is de krapte wat minder acuut.
De krapte in belangrijke sectoren zoals techniek, bouw, zorg en IT houdt aan of neemt zelfs toe
“Maar grosso modo betekent dat we nog steeds in een schaarse arbeidsmarkt zitten”, waarschuwt Bart van Krimpen, lead market intelligence bij Randstad tijdens de nieuwste arbeidsmarktupdate van het concern. De ‘arbeidsmarktspanning’ neemt sinds corona af, maar nog steeds is de vraag naar arbeidskrachten anderhalf keer zo hoog als het aanbod.
“Sterker nog, de krapte in belangrijke sectoren zoals techniek, bouw, zorg en IT houdt aan of neemt zelfs toe. Vergeleken met de periode vóór corona zijn de arbeidsmarkttekorten in vrijwel alle vakgebieden overal groter. Er doet zich kortom een zorgelijke paradox voor: een arbeidsmarkt die gemiddeld iets ruimer wordt, maar op de plaatsen die er echt toe doen even gespannen of gespannener blijft dan tevoren.”
Een aanpak langs vijf lijnen voor overheid en individuele bedrijven
- Een verschuiving van contractvormen naar skills, om doorstroming naar beroepen met de grootste krapte te versoepelen.
- Het terugdringen van het hoge ziekteverzuim, met name van jongeren door burn-outs en psychische klachten.
- Productiviteitsverbetering door technologie, om schaarse vakmensen te ontlasten van bepaalde taken.
- Een nationaal scholingsplan dat de vele initiatieven en fondsen vervangt door samenhangende samenwerking.
- Gerichte arbeidsmigratie, van mensen met essentiële kennis.
‘Niet alleen een financiële onderbouwing’
Om te begrijpen waar de problemen precies zitten, heeft Randstad de zogeheten ‘arbeidsbegroting’ ontwikkeld. Het idee hierachter is eenvoudig. De grote nationale opgaven – defensie, wonen, energietransitie, zorg – worden als politieke beleidsstukken doorgaans beschreven in termen van investeringen, versnelling en productiedoelstellingen. Maar hoeveel mensen daarvoor moeten worden ingezet en of die überhaupt beschikbaar zijn, blijft grotendeels onbenoemd. “Een miljard op de rijksbegroting is waardeloos als daar onvoldoende arbeidskrachten tegenover staan”, zegt Jeroen Tiel, CEO van Randstad Nederland.
En het is allerminst vanzelfsprekend of het arbeidspotentieel de komende jaren toereikend zal zijn, betoogt Tiel. Hij haalt het rapport aan van Peter Wennink, oud-topman van ASML, die stelt dat de krapte op de arbeidsmarkt prioriteit nummer één is als Nederland zijn welvaart wil vasthouden. “De harde waarheid is dat we tegen onze nationale uitvoeringskracht zijn opgelopen.”
Drie grote opgaven, één harde grens
Randstad heeft de arbeidsbegroting toegepast op de drie grootste maatschappelijke opgaven van dit moment: de energietransitie, de woningbouw en de opschaling van defensie.
Voor de energietransitie staat het stoplicht op rood, dat wil zeggen dat zich hier de komende jaren grote problemen zullen aandienen. De vraag naar elektrotechnici, installateurs en isolatiespecialisten is gigantisch, terwijl de instroom vanuit het onderwijs beperkt is en de uitstroom door vergrijzing groot. Van de beroepsgroepen die essentieel zijn voor de uitvoering – denk aan elektrotechnische ingenieurs en mensen die werken aan kabels, leidingen en de netinfrastructuur – zijn er nu al nauwelijks genoeg.
“De problemen op de arbeidsmarkt worden in het coalitieakkoord wel 55 keer benoemd”
De woningbouw staat eveneens op rood. Voor honderdduizend nieuwe woningen per jaar zijn vijftien essentiële beroepsgroepen nodig; tien daarvan zijn nu al een knelpuntberoep. Bijna twee derde van de cruciale functies is met de huidige arbeidsmarktcapaciteit moeilijk of niet in te vullen. Meer geld en kortere procedures lossen dat niet op — de personeelsbeschikbaarheid is een harde grens geworden.
Defensie krijgt van Randstad een donkeroranje kleur: zorgelijk, maar minder nijpend dan in de twee andere sectoren. De opschalingsambities zijn groot en defensie heeft daarvoor niet alleen militairen nodig, maar ook monteurs, technici en onderhoudspersoneel. Dat wordt moeilijk, al zijn in het coalitieakkoord concrete maatregelen vastgesteld zoals meer instroom van jongeren en uitbreiding van de Maatschappelijke Diensttijd.
Van polderen naar prioriteren
De uitkomsten van de arbeidsbegroting maken één ding duidelijk: in een arbeidsmarkt die op rood staat, werkt het poldermodel niet meer. Tiel is daarover helder: “We moeten van polderen naar prioriteren gaan.” Dat betekent niet dat sectoren worden opgeheven, maar wel dat schaarse arbeid bewuster wordt verdeeld op basis van maatschappelijke urgentie.
Randstad is redelijk positief over de kabinetsplannen: “De problemen op de arbeidsmarkt worden in het coalitieakkoord wel 55 keer benoemd.” Maar het schort nog aan duidelijke, gerichte beleidsmaatregelen. Terwijl die nu juist hard nodig zijn, aldus Tiel. “We moeten er werk van maken”, zegt hij, een woordgrap met een ernstige ondertoon.
De vraag die telt: hoe dan?
Randstad pleit voor een aanpak langs vijf lijnen, waarbij zowel overheid als individuele bedrijven een rol kunnen spelen.
De eerste is een verschuiving van contractvormen naar skills. De huidige arbeidsmarkt beoordeelt mensen sterk op diploma’s, wat de doorstroming op de arbeidsmarkt belemmert en waardoor mensen niet goed tot hun recht kunnen komen. “Het is belangrijk om ervoor te zorgen dat we een wendbare arbeidsmarkt hebben, zodat het loont om een andere opleiding te volgen”, aldus Tiel. Wie over de juiste skills beschikt, moet gemakkelijker kunnen doorstromen naar beroepen waar de nood het hoogst is, ongeacht formele achtergrond.
De tweede lijn is het terugdringen van ziekteverzuim, dat nu hoger ligt dan vóór de pandemie. Omgerekend gaat het om tienduizenden mensen die niet beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt. De toenemende uitval van jongeren door burn-outs en psychische klachten vraagt specifieke aandacht, ook van bedrijven.
“Je zou ervoor moeten zorgen dat iemand die wordt ontslagen ook meteen naar een andere baan wordt toegeleid”
De derde lijn is productiviteitsverbetering door technologie. AI en automatisering moeten schaarse vakmensen ontlasten van taken die geen menselijke maat vereisen.
De vierde lijn is een nationaal scholingsplan dat het huidige versnipperde landschap van initiatieven en fondsen vervangt door samenhangende samenwerking. “Je zou ervoor moeten zorgen dat iemand die wordt ontslagen ook meteen naar een andere baan wordt toegeleid.” Werkgevers moeten durven investeren in mensen die daarna elders aan de slag gaan. De maatschappelijke baten zijn groter dan mogelijke nadelen voor individuele bedrijven.
De vijfde lijn is gerichte arbeidsmigratie. De tekorten in techniek en zorg zijn op korte termijn niet alleen met binnenlands talent op te lossen. Randstad pleit niet voor een ongerichte instroom, maar mensen met kennis die essentieel is voor de uitvoering van de ‘nationale agenda’ zijn onmisbaar. Kennismigranten verdienen daarom met open armen te worden verwelkomd.
Lees ook: Onderzoek Randstad: Veelheid aan generaties en culturen bron van spanning op de werkvloer.