Opinie: Als vitaliteitsadviseur zeg ik ‘stop met de vitaliteitsweek’
Beeld: Margot van Hoijdonck
Van 21 t/m 27 september 2026 is het Nationale Vitaliteitsweek. Misschien staat er bij jullie ook een programma klaar: workshops, een wandelchallenge, een gezonde lunch. En dan is er die ene collega die niet komt opdagen. Diegene at haar boterham achter haar scherm, want ze had om zes uur nog een deadline. Precies de persoon voor wie je deze week bedoelde.
Wie haalt er iets uit?
Het is geen toeval dat deze persoon niets uit de vitaliteitsweek haalt. Onderzoekers kijken naar wat een interventie van mensen zelf vraagt: hoeveel tijd, energie en regie moet iemand inzetten om er profijt van te hebben?
“Interventies die weinig eigen inzet vragen zijn het meest effectief en houden de verschillen tussen groepen het kleinst”
Hoe meer eigen inzet nodig is, hoe selectiever het effect. Wie het toch al redt, schrijft zich in. Wie het niet meer trekt, haakt juist af. Adams en collega’s lieten in PLOS Medicine (2016) zien dat (gezondheids)interventies die weinig eigen inzet vragen het meest effectief zijn en de verschillen tussen groepen het kleinst houden. Interventies die veel vragen, vergroten die verschillen juist.
Daar zit de pijnlijke conclusie. Een vitaliteitsweek vraagt veel van je medewerker: tijd vrijmaken, zich aanmelden en ergens naartoe gaan. Een uur in een workshop is een uur dat je niet aan je werk of medewerkers besteedt. En de mensen die het het hardst nodig hebben, hebben die ruimte niet. Je vitaliteitsweek landt dus bij de fitte helft van je organisatie.
Onderzoek
En dat blijkt ook uit onderzoek. Onderzoekers boden bijna 5.000 medewerkers van de University of Illinois twee jaar lang een compleet vitaliteitsprogramma aan. Ruim de helft deed mee. Toen ze terugkeken naar het jaar ervoor, bleek dat juist die deelnemers al gezonder leefden en al minder zorgkosten maakten dan hun collega’s die wegbleven.
Het programma bereikte dus vooral de mensen die toch al bezig waren met vitaliteit. Een beeld dat ik herken bij veel Nederlandse organisaties.
Wat vraagt weinig?
In mijn praktijk zoek ik samen met mijn klanten dan ook naar interventies die niemand hoeft te kiezen, maar die we kunnen verankeren in de cultuur, aansturing en organisatie van het werk zelf:
- een standaardoverleg van 45 minuten in plaats van een uur, zodat er lucht tussen afspraken zit
- roosters op de werkelijke bezetting en niet op de ideale
- een directie die ’s avonds geen mails stuurt
- heldere taakeisen, zodat mensen weten wanneer het genoeg is
- vitaliteit als vast onderdeel van je HR-processen, van onboarding tot gesprekscyclus
Niemand hoeft zich hiervoor in te schrijven. Iedereen profiteert, ook de collega die niet kwam opdagen.
En die vitaliteitsweek dan?
Die mag blijven. Als aftrap of als een versterkend moment waarop je laat zien wat je het hele jaar al doet. Maar zolang die week je beleid is, blijft vitaliteit iets voor erbij. Dan is het geen boost, maar een vinkje.
Dus voordat je de wandelchallenge plant: wie in jouw organisatie heeft de ruimte niet om mee te doen, en wat zou je kunnen doen om hun vitaliteit wel écht te vergroten?
Bronnen
Adams, J., Mytton, O., White, M., & Monsivais, P. (2016). Why are some population interventions for diet and obesity more equitable and effective than others? The role of individual agency. PLOS Medicine, 13(4), e1001990.
https://journals.plos.org/plosmedicine/article?id=10.1371%2Fjournal.pmed.1001990
Jones, D., Molitor, D., & Reif, J. (2019). What do workplace wellness programs do? Evidence from the Illinois Workplace Wellness Study. Quarterly Journal of Economics, 134(4), 1747-1791.
https://academic.oup.com/qje/article/134/4/1747/5550759#199907361
LEES OOK:
- Onderzoeker Elco Schaufeli over werkstress: “Effectieve interventies moeten ingrijpen op het werk zelf”
- Auteur Ronald van der Molen: “Werkdruk verminder je effectief met een betere energiebalans”
- Lucie Vriesema, adviseur inzetbaarheid: “Spoor aan tot passieve ontspanning”
Wekelijks ook de CHRO-nieuwsbrief ontvangen? 7000 HR-leiders gingen u voor!
