Booking.com en OR botsen over verplichte kantoordagen
Beeld: ANP Foto Harold Versteeg
Een thuiswerkregeling valt volgens recente rechterlijke uitspraken onder de arbeidsomstandigheden zoals bedoeld in de Wet op de ondernemingsraden (WOR). Omdat de arbeidsomstandigheden op kantoor anders zijn dan thuis, heeft een werkgever voor het wijzigen van het aantal thuiswerkdagen instemming van de OR nodig. Omdat de OR die instemming weigert, is Booking.com naar de rechter gestapt.
De zaak kan duidelijkheid bieden over de ruimte die werkgevers hebben om hun hybride werkbeleid aan te passen en de rol van de OR daarbij
Booking.com stelt tegenover het FD dat het niet gaat om een wijziging van het aantal thuiswerkdagen. Binnen het bedrijf geldt sinds 2022 al de ‘aanbeveling’ om twee dagen per week op kantoor te werken. Die afspraak is echter niet verplicht, waardoor niet iedereen zich eraan houdt.
Volgens Booking.com gaat dat ten koste van de samenwerking en het teamgevoel. Tegelijkertijd wil Booking.com de flexibiliteit van thuiswerken behouden. De nieuwe regeling zou werknemers de mogelijkheid geven om één kantoordag binnen het team af te spreken en één dag zelf te kiezen.
De OR ziet geen overtuigende businesscase voor het verplicht stellen van twee kantoordagen per week.
Voorlopig oordeel rechter
De Amsterdamse kantonrechter lijkt Booking.com voorlopig gelijk te geven in het conflict over verplichte kantoordagen. Tijdens de zitting liet de rechter weten dat twee dagen per week op kantoor ‘echt heel weinig’ is. Volgens berichtgeving van onder meer de Volkskrant en het Nederlands Dagblad vindt de rechter 40 procent van de werktijd op kantoor redelijk. “Dit is juist in het belang van employee wellbeing,” aldus de rechter.
Opvallend: de rechter gaf Booking.com en de OR eerst een week de tijd om samen tot een oplossing te komen. Lukt dat niet, dan volgt een uitspraak.
De zaak kan duidelijkheid bieden over de ruimte die werkgevers hebben om hun hybride werkbeleid aan te passen en de rol van de OR daarbij.
Eerdere uitspraak over thuiswerken
Een eerdere uitspraak van de Rechtbank Amsterdam uit juni 2025 ging over computer- en elektronicabedrijf ASUS. De rechter oordeelde dat de OR instemmingsrecht heeft bij een besluit over het aantal dagen dat personeel thuis mag werken. Volgens de kantonrechter valt een thuiswerkregeling onder de arbeidsomstandigheden, omdat de omstandigheden thuis wezenlijk verschillen van die op kantoor.
De rechter weigerde ASUS bovendien vervangende toestemming om de regeling te wijzigen. De belangen van de werknemers bij het behouden van twee kantoordagen wogen in dit geval zwaarder dan de door ASUS aangevoerde belangen, zoals productiviteit en sociale cohesie.
Werkgeversvereniging AWVN plaatst kanttekeningen bij die uitspraak. Volgens de vereniging betekent één rechterlijke uitspraak niet dat voor iedere wijziging van een thuiswerkregeling instemming van de OR nodig is. Het instemmingsrecht geldt voor de onderwerpen die in de WOR zijn opgenomen.
Verworven recht
Arbeidsrechtadvocaat Pascal Besselink benadrukt in een post op LinkedIn juridisch vooral de botsing tussen een mogelijk verworven recht op thuiswerken en het belang van de werkgever om de organisatie van het werk opnieuw in te richten. Hij noemt de argumenten van Booking – teamcohesie, samenwerking, kennisoverdracht, van elkaar leren – plausibel.
LEES OOK: