Tweede Kamer neemt Wet meer zekerheid Flexwerkers aan: minder concurrentie tussen flex- en vast contract

Op 12 mei heeft de Tweede Kamer ingestemd met de Wet meer zekerheid Flexwerkers. Doel: meer zekerheid voor werknemers met flexwerk en minder concurrentieverschil tussen flexwerk en het vaste contract.

Op 12 mei is in de Tweede Kamer de Wet meer zekerheid Flexwerkers aangenomen, meldt AWVN. Deze wet heeft als doel om meer zekerheid te bieden voor werknemers met een tijdelijk contract of andere flexibele vormen en het concurrentieverschil tussen flexibele arbeid en het vaste contract te verkleinen.

In het wetsvoorstel wordt onder andere de omzetting van het nulurencontract (oproepcontract) naar een zogenaamd bandbreedtecontract geregeld. Daarnaast worden de mogelijkheden gewijzigd om bij cao af te wijken van de ketenregeling en het opvolgend werkgeverschap. Ook wordt de tussenpoos van 6 maanden in de ketenregeling vervangen door een administratieve vervaltermijn van 3 jaar.

Recht op gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden

Er gelden uitzonderingen voor scholieren, studenten en AOW-gerechtigden. Ook wordt geregeld dat uitzendkrachten recht hebben op gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden ten opzichte van de werknemers van de inlener en krijgt de minister de mogelijkheid om in te grijpen als er sprake van structurele onderbetaling in de uitzendsector.

Als het wetsvoorstel ook wordt aangenomen door de Eerste Kamer zullen de voorgestelde maatregelen per 1 januari 2028 in werking treden. Voor de gelijkwaardige beloning van uitzendkrachten geldt dat de maatregelen al per 1 januari 2027 in werking treden. De voorgestelde maatregelen vragen niet alleen tijdige aanpassing van arbeidsovereenkomsten en cao’s, maar ook een bredere afweging over het werken met flexibele arbeid in de onderneming.

LEES OOK:
Schijnzelfstandigheid: Kabinet vindt handhaving te ingrijpend, wil deel zzp-regels schrappen
AH moet uitzendkracht na 7 jaar met terugwerkende kracht in dienst nemen: wat betekent dit voor werkgevers?
Contractneutraliteit dé oplossing voor schijnzelfstandigheid? Niet zonder verstrekkende gevolgen…

Wekelijks de CHRO-nieuwsbrief ontvangen net als 6000+ HR-leiders die u voorgingen?